Lid 1
Het college is bevoegd om, voor zover dit van belang kan zijn voor de beoordeling van het recht op de aangevraagde voorziening, degene door wie een aanvraag is ingediend of bij gebruikelijke zorg diens relevante huisgenoten:
Op te roepen in persoon te verschijnen op een door het college te bepalen plaats en tijdstip en hem te bevragen.
Op een door het college te bepalen plaats en tijdstip door een of meer daartoe aangewezen deskundigen te doen bevragen en/of onderzoeken.
Lid 2
Het college vraagt een door hem daartoe aangewezen adviesinstantie om advies indien het college dit noodzakelijk acht.
Lid 3
Een aanvrager is verplicht aan het college of aan de door het college aangewezen adviesinstantie die gegevens te verschaffen of te doen verschaffen die noodzakelijk zijn voor de beoordeling van de aanvraag.
Lid 4
Een belanghebbende aan wie een individuele voorziening is verstrekt is verplicht desgevraagd aan het college of aan een door het college aangewezen adviesinstantie gegevens te verschaffen of te doen verschaffen die noodzakelijk zijn voor de beoordeling of de verstrekte voorziening nog noodzakelijk is.
Lid 5
Bij de advisering zoals genoemd in het eerste lid wordt door de adviseur gebruik gemaakt van de systematiek zoals neergelegd in de International Classification of Functions, Disabilities and Impairments, de zogenaamde ICF classificatie.
Hoofdstuk 7.
Artikel 25.
Advisering
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Hardenberg 2013