Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk III

Artikel 8

Over te leggen stukken

Onderdeel van Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Terneuzen 2006

1 Begraving mag slechts geschieden indien van tevoren het verlof tot begraven is overgelegd aan burgemeester en wethouders. 2 Indien de begraving of de bezorging van as in een eigen graf zal plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan burgemeester en wethouders te worden overgelegd, ondertekend door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door degene die in de uitvaart voorziet. 3 Begraving of bijzetting in een eigen graf waarvan de uitgiftetermijn binnen de wettelijke minimum grafrusttermijn afloopt, kan alleen plaatsvinden onder gelijktijdige verlenging van de uitgiftetermijn met een zodanige periode dat de alsdan resterende uitgiftetermijn ten minste gelijk is aan de wettelijke minimum grafrusttermijn. De verlenging dient te worden aangevraagd door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door een van de andere personen, genoemd in artikel 17, tweede lid. 4 De in het vorige lid bedoelde periode van verlenging wordt naar boven toe afgerond op gehele jaren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel