1 Het is verboden op door het college in het belang van het
uiterlijk aanzien van de gemeente, ter voorkoming of opheffing van
overlast dan wel voorkoming van schade aan de openbare gezondheid
aangewezen plaatsen, buiten een inrichting in de zin van de Wet
milieubeheer, in de openlucht of buiten de weg de volgende
voorwerpen of stoffen op te slaan, te plaatsen of aanwezig te
hebben:
onbruikbare of aan hun oorspronkelijke bestemming onttrokken
voer- of vaartuigen of onderdelen daarvan;
bromfietsen en motorvoertuigen of onderdelen daarvan;
kampeermiddelen als bedoeld in artikel 4:17 of onderdelen
daarvan, indien het plaatsen of aanwezig hebben daarvan
geschiedt voor verkoop of verhuur of anderszins voor een
commercieel doel; of
mestopslag, gierkelders of andere verzamelplaatsen van vuil,
een verzameling ingekuild gras, loof of pulp of ingekuilde
landbouwproducten, afbraakmaterialen en oude metalen.
Het college kan bij de aanwijzing nadere regels
stellen.
Dit artikel is niet van toepassing op situaties waarin wordt
voorzien krachtens de Wet ruimtelijke ordening of door of
krachtens de Landschapsverordening Noord-Holland 2005.
Hoofdstuk 4 › Afdeling 4
Artikel 4:13
Opslag voertuigen, vaartuigen, mest, afvalstoffen enz.
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening 2012