Burgemeester en wethouders maken gebruik van de bevoegdheid tot:
het herzien of intrekken van het toekenningsbesluit ingevolge artikel 54, derde en vierde lid, van de WWB, artikel 17, derde en vierde lid van de IOAW, artikel 17, derde en vierde lid, van de IOAZ.
het terugvorderen van ten onrechte verleende uitkering zoals neergelegd in paragraaf 6.4 van de WWB, paragraaf 5 van de IOAW en paragraaf 5 van de IOAZ.