De inrichting van de verharde padenstructuur op de begraafplaatsen vormt eenleidraad voor de indeling in vakken. Binnen deze vakken worden rijen met gravenvoorzien. Elke nieuw te vormen rij graven moet voldoen aan de volgende eisen(zie ook afbeelding 4):
Er wordt op maaiveldhoogte een betonnen funderingsbalk voorzien van +/- 30cm breed ten behoeve van het plaatsen van grafmonumenten. (Dezefunderingsbalk valt buiten de grafafmeting maar is een onderdeel van degrafbedekking.)
De minimale onderlinge afstand tussen de funderingsbalken bedraagt tenminste 450cm.
Gemeten vanaf de voorzijde van de funderingsbalk is een strook gras van 250cm breed voorzien om in te begraven.
Vanaf 250 cm van de voorzijde van de funderingsbalk tot 450 cm van devoorzijde van de funderingsbalk is een strook doorgroeistenen of mattenvoorzien ten behoeve van zwaardere machines. Op plaatsen waar de rijgrenst aan een verhard pad kan deze strook komen te vervallen.
De beplantingen op de begraafplaatsen vallen onder de in het groenbeheerplanopgenomen beheergroep standaard groen en worden dan ook als zodanigbeheerd.
Artikel 5
Inrichting begraafplaats
Onderdeel van Nadere regels voor de graven, asbezorging en grafbedekkingen op de gemeentelijke begraafplaatsen 2013