Naar hoofdinhoud

Artikel 4

HRM cyclus

Onderdeel van Regeling Algemene dienst 2013

Gesprekken over de inzetbaarheid van de medewerker binnen de gemeentelijke organisatie worden gevoerd binnen het kader van de HRM cyclus. Leidinggevende en medewerker maken jaarlijks concrete afspraken over ontwikkeling en opleiding gericht op inzetbaarheid in de huidige functie (effectiviteit) of over doorstroom naar een andere passende functie (mobiliteit). De leidinggevende houdt bij het maken van de afspraken over ontwikkeling, opleiding of mobiliteit, voor zover relevant, rekening met de persoonlijke situatie van de medewerker (leeftijd, gezondheid, gezinssituatie enz.). De hierboven bedoelde afspraken worden vervat in een loopbaanplan. De leidinggevende faciliteert de medewerker in het realiseren van de afspraken over opleiding en ontwikkeling met inachtneming van het gestelde in Hoofdstuk 17 CAR en stelt daartoe een persoonlijk ontwikkelplan op met een minimum duur van 12 maanden en een maximum duur van 36 maanden.

Rechtspraak bij dit artikel