In deze verordening wordt verstaan onder:
IOAW: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werklozewerknemers;
IOAZ: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezenzelfstandigen;
De IOAW/IOAZ: de IOAW alsmede de IOAZ, beiden voor zover zij op belanghebbende vantoepassing zijn;
Uitkering: de uitkering, bedoeld in artikel 5, eerste lid IOAW/IOAZ;
Uitkeringsnorm: de op belanghebbende van toepassing zijnde netto grondslag, bedoeld inartikel 5, vierde lid IOAW/IOAZ;
Verlaging: het verlagen van de uitkeringsnorm op grond van artikel 20, tweede lid IOAW enartikel 20, eerste lid IOAZ alsmede het blijvend of tijdelijk (gedeeltelijk) weigeren van een uitkering op grond van artikel 20, eerste lid IOAW en artikel 20, tweede lid IOAZ;
Inkomen: inkomen als bedoeld in artikel 8 IOAW/IOAZ;
Belanghebbende: hij die recht heeft op een uitkering op grond van de IOAW, voor zover hij isaangewezen op arbeid in dienstbetrekking, alsmede hij die recht heeft op een uitkering op grond van de IOAZ;
het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Echt – Susteren.