De door het college vastgestelde bestedingsmogelijkheden zoals bedoeld in artikel 4a:3 zijn:
fiets;
vakbondscontributie:
vergoeding woon-werkverkeer.
Het college stelt voor de uitvoering van de in het vorige lid bedoelde bestedingsmogelijkheden nadere voorschriften vast en bepaalt per bestedingsmogelijkheid welke bronnen als genoemd in artikel 4a:3, eerste lid, kunnen worden ingezet.