Naar hoofdinhoud

Artikel 11

Geen vervolgingskosten verschuldigd

Onderdeel van Leidraad invordering gemeentelijke belastingen 2009

(afwijking art. 75 Rijksleidraad) 1.Vervolgingskosten zijn niet verschuldigd in de volgende situaties: Wanneer er ten aanzien van de kostenberekening rekenfouten zijn gemaakt dan wel een onjuist tarief is gehanteerd. Wanneer het initiatief tot betalen al was genomen voor het moment van het in rekening brengen van kosten.Bij girale betalingen ligt het moment van het nemen van initiatief in principe een aantal dagen voor de datum van betaling. Ter bepaling van dat moment is bepalend de valuta-datum op het dagafschrift van de bank/girorekening waarmee de betaling is gedaan. Voor zover na het in rekening brengen van de kosten een afname van de schuld, anders dan door betaling, kwijtschelding of verrekening, tot stand is gekomen. Deze situatie zal zich voordoen bij vermindering van belastingaanslagen ten aanzien van de aanmaning en/of betekeningskosten van een dwangbevel. Het bedrag van de aanma ning en/of betekeningskosten zal worden ingetrokken. Wanneer er, achteraf bezien, al voor het in rekening brengen van de kosten om beleidsmatige redenen aanleiding is geweest om de invordering op te schorten. Hierbij valt te denken aan: een schriftelijk ingediend verzoek om uitstel; een ingediend aanvraagformulier voor kwijtschelding, mits volledig ingevuld; een ingediend verzoekschrift bij het college van burgemeester en wethouders; Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat zich omstandigheden kunnen voordoen waarin het noodzakelijk is de invordering wel voort te zetten. In dat geval komen de hieraan verbonden kosten vanzelfsprekend niet voor een tegemoetkoming in aanmerking. Bepalend is de ontvangst van bovengenoemde stukken door de ontvanger zelf, dan wel degene, met wie de ontvanger in dit kader redelijkerwijs vereenzelvigd kan worden (bijvoorbeeld: het college van burgemeester en wethouders). Kosten worden in afwijking van het vorenstaande altijd in rekening gebracht als na overleg tussen de coördinator Innen en het afdelingshoofd Belastingen besloten is, dat er sprake is van trainering van de invordering. Wanneer na het in rekening brengen van de kosten aan de belastingaanslag een nieuwe dagtekening is toegekend. Wanneer een derdenbeslag nooit blijkt te hebben gelegen als bedoeld in artikel 14.4.1 van de Rijksleidraad. Wanneer zaken - die in een onroerende zaak aanwezig zijn - zowel in een beslag op roerende als in een beslag op onroerende zaken zijn begrepen omdat twijfel bestaat over de vraag of deze zaken roerend dan wel onroerend zijn en duidelijkheid is verkregen door middel van welk beslag die zaken moeten worden uitgewonnen zijn de kosten die verband houden met het niet voortgezette beslag niet verschuldigd (zie artikel 14.3.1 van de Rijksleidraad). Wanneer zaken - die op of in een schip van de belastingschuldige aanwezig zijn - zowel in een beslag op het schip als in een beslag op roerende zaken zijn begrepen omdat twijfel bestaat over de vraag of deze zaken een bestanddeel vormen van het schip dan wel zelfstandige roerende zaken zijn en duidelijkheid is verkregen door middel van welk beslag die zaken moeten worden uitgewonnen zijn de kosten die verband houden met het niet voortgezette beslag niet verschuldigd (zie artikel 14.5.1 van de Rijksleidraad). De beslissing om de kosten terug te brengen tot het juiste bedrag dan wel de kosten terug te betalen, geschiedt ambtshalve dan wel na een daartoe ingediend verzoekschrift.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel