Naar hoofdinhoud
8.1 Omschrijving gebruiksvorm 8.1.1 Algemeen De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: groenvoorzieningen, zoals trapvelden, speelplaatsen, plantsoenen, waterpartijen met de daarbij behorende voet- en fietspaden en andere voorzieningen; structurele beplantingen; recreatief medegebruik; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; openbare nutsvoorzieningen; 8.1.2 Mede gebruiksvormen en aanduidingen Voor zover de gronden tevens zijn gelegen binnen de aangewezen mede gebruiksvormen van de besluitvlakken en aanduidingen zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met inachtneming van de voorrangsregels uit artikel 27.2. 8.2 Bouwregels 8.2.1 Algemeen Op de voor 'Groen' aangewezen gronden mogen géén gebouwen worden gebouwd, met uitzondering van: gebouwen ten dienste van nutsvoorzieningen, met dien verstande dat; de bouwhoogte van deze gebouwen maximaal 3,00 meter mag bedragen; de oppervlakte maximaal 15 m2 mag bedragen. 8.2.2 Bouwwerken, geen gebouw zijnde Op de voor 'Groen' aangewezen gronden mogen uitsluitend worden gebouwd bouwwerken, geen gebouw zijnde: noodzakelijk met het oog op de regeling van de veiligheid van het verkeer; ten behoeve van de verlichting van wegen, rijwiel- en voetpaden; behorende tot de recreatieve voorziening, zoals recreatieve bewegwijzering, informatieborden en kleinschalige uitzicht- en rustpunten; behorende tot het straatmeubilair; ten behoeve van nutsvoorzieningen; speelvoorzieningen; daarmee vergelijkbare bouwwerken. 8.2.3 Overige regels Voor het overige gelden de volgende regels: de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde mag maximaal 6,00 meter bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte van terreinafscheidingen maximaal 1,00 meter mag bedragen. 8.3 Afwijken van de gebruiksregels 8.3.1 Afwijken van de gebruiksregels voor het verbreden van wegen Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 8.1 ten behoeve van het verbreden van aan de bestemming grenzende wegen of voor de aanleg van fietspaden, onder de voorwaarden dat: de verkeersveiligheid gewaarborgd blijft; de verbreding binnen het stedenbouwkundige en landschappelijk beeld ter plaatse past; geen onevenredig nadelige gevolgen voor het woonmilieu ontstaan of kunnen ontstaan; waarden en belangen van derden niet onevenredig worden geschaad of kunnen worden geschaad. 8.3.2 Afwijken van de gebruiksregels voor het realiseren van parkeerplaatsen Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 8.1 ten behoeve van het realiseren van parkeerplaatsen onder de voorwaarden dat: de parkeerbehoefte is aangetoond; de verkeersveiligheid gewaarborgd blijft; deze passen binnen het stedenbouwkundige en landschappelijk beeld ter plaatse; geen onevenredig nadelige gevolgen voor het woonmilieu ontstaan of kunnen ontstaan; waarden en belangen van derden niet onevenredig worden geschaad of kunnen worden geschaad. 8.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 8.4.1 Vergunningsplicht Het is verboden in afwijking van een verleende omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, en/of werkzaamheden uit te voeren en/of te laten uitvoeren: het aanbrengen van halfverhardingen ten behoeve van evenementen. 8.4.2 Uitzonderingen Het bepaalde in artikel 8.4.1 is niet van toepassing op: normale onderhoudswerkzaamheden; werken of werkzaamheden in het kader van het normale bodemgebruik; werken of werkzaamheden, welke op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan in uitvoering zijn dan wel krachtens een voor dat tijdstip aangevraagde (omgevings)vergunning/ontheffing mogen worden uitgevoerd. 8.4.3 Toepassingscriteria De werken of werkzaamheden als bedoeld in artikel 8.4.1 zijn slechts toelaatbaar indien door die werken of werkzaamheden dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen voor de in artikel 8.1 genoemde waarden en doeleinden niet onevenredig worden of kunnen worden aangetast, dan wel de mogelijkheden voor herstel van de bedoelde waarden, niet wezenlijk worden of kunnen worden verkleind.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel