Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 8

Artikel 2:28

Exploitatievergunning horecabedrijf

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Nederweert 2009

1. Het is verboden een horecabedrijf te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester 2. De burgemeester weigert de vergunning indien vestiging of exploitatie van het horecabedrijf in strijd is met een geldend bestemmingsplan. 3. De burgemeester weigert de vergunning als bedoeld in het eerste lid indien de aanvrager geen verklaring omtrent gedrag overlegt die uiterlijk drie maanden voor de datum waarop de vergunningaanvraag is ingediend, is afgegeven 4. In afwijking van artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning geheel of gedeeltelijk weigeren, indien naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van het horecabedrijf, openbare orde of veiligheid op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed. 5. Bij de toepassing van de in het vierde lid vermelde weigeringsgronden houdt de burgemeester rekening met het karakter van de straat en de wijk, waarin het horecabedrijf is gelegen of zal zijn gelegen, de aard van het horecabedrijf en de spanning, waaraan het woonmilieu ter plaatse reeds blootstaat of bloot zal komen te staan door de exploitatie. 6. Het eerste lid geldt niet voor een horecabedrijf waarop de Drank- en Horecawet van toepassing is en in een winkel als bedoeld in artikel 1 Winkeltijdenwet voor zover de horeca een nevenactiviteit is van de winkelactiviteit. 7. Voor een horecabedrijf in een winkel gelden dezelfde sluitingstijden als voor de winkel. 8. Voorts geldt het eerste lid niet voor een horecabedrijf in een zorginstelling, verenigingsgebouw, gemeenschapshuis, sportcentrum, bedrijfskantine en school. 9. De burgemeester kan nadere regels stellen voor een horecabedrijf bedoeld in het eerste lid. 10. Op de voorbereiding van een besluit omtrent een vergunning als bedoeld in het eerste lid is afdeling 3.4 Algemene wet bestuursrecht van toepassing, met dien verstande dat de termijn, bedoeld in artikel 3:16 van die wet, voor het naar voren brengen van zienswijzen twee weken bedraagt. 11. Paragraaf 4.1.3.3. Algemene wet bestuursrecht is van toepassing op een beschikking bedoeld in het eerste lid. 12. Het is verboden een horecabedrijf te exploiteren in strijd met het bepaalde in artikel 1:8 onder a, b en d.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel