1. De directeur hanteert bij de uitoefening van de opgedragen bevoegdheden het beleid van de burgemeester en het college alsmede de door de gemeenteraad van de gemeente vastgestelde kaders.
2. Indien de directeur in afwijking van het bepaalde in het eerste lid wenst te besluiten, treedt hij hierover in overleg met de burgemeester of het college.
Hoofdstuk 3
Artikel 4
Kaders uitoefening bevoegdheden
Onderdeel van Mandaatregister gemeente Woerden 2013