**1..** Op het persoonsgebonden budget zoals genoemd in artikel 6 en 6a van de wet, zijn de volgende voorwaarden van toepassing:
een persoonsgebonden budget wordt alleen verstrekt voor individuele voorzieningen; verstrekking gebeurt op verzoek van aanvrager, nadat de gemeente hem voldoende heeft geïnformeerd over de consequenties van deze keuze;
de omvang van het persoonsgebonden budget is, met uitzondering van het persoonsgebonden budget voor hulp bij huishouden de tegenwaarde van de in de betreffende situatie goedkoopst compenserende te verstrekken voorziening in natura, indien nodig aangevuld met een vergoeding voor instandhoudingkosten;
de wijze waarop het persoonsgebonden budget wordt vastgesteld wordt door het college vastgelegd in het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Ede.
**2..** De toekenning van het te verstrekken persoonsgebonden budget, de omvang en de looptijd ervan worden bij beschikking vastgesteld.
**3..** Bij de beschikking kan een program van eisen worden verstrekt waarin aangegeven is aan welke vereisten de met het persoonsgebonden budget te verwerven voorziening dient te voldoen.
**4..** Het college kan steekproefsgewijs, of gericht indien daartoe in een individueel geval aanleiding is, nagaan of het verstrekte persoonsgebonden budget besteed is aan het doel waarvoor het verstrekt is. De budgethouder is verplicht de daarvoor gevraagde stukken, zoals genoemd in het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Ede, op verzoek van het college per omgaande te verstrekken. Daarnaast kan het college controleren of de indicatie correct is vastgesteld.
**5..** Na afronding van het onderzoek beoordeelt het college of er aanleiding bestaat het persoonsgebonden budget geheel of ten dele terug te vorderen of te verrekenen.
Hoofdstuk 2.
Artikel 6.
Persoonsgebonden budget.
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Ede 2010