Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 7

gedoogregels voor coffeeshops

Onderdeel van Beleidsregel Damoclesbeleid 2013

De burgemeester gedoogt de handel in softdrugs: uitsluitend in een coffeeshop vermeld op de coffeeshoplijst, zolang hij niet heeft aangegeven de handel in softdrugs in die coffeeshop niet meer te gedogen, zolang hij de horecavergunning niet heeft ingetrokken, voor zover de volgende gedoogregels in acht worden genomen: geen affichering voor softdrugs; dit betekent geen reclame voor softdrugs, op welke wijze dan ook, met uitzondering van een summiere aanduiding (hennepblad) op de betreffende coffeeshop; geen harddrugs; dit betekent dat in de coffeeshop geen harddrugs voorhanden mogen zijn en/of verkocht mogen worden; geen overlast veroorzaken; onder overlast wordt verstaan parkeeroverlast rond de coffeeshop, geluidhinder, vervuiling en/of voor of nabij de coffeeshop rondhangende klanten; geen verkoop van softdrugs aan jeugdigen; onder jeugdigen wordt verstaan personen jonger dan 18 jaar (minderjarigen); geen toegang tot de coffeeshop voor jeugdigen; onder jeugdigen wordt verstaan personen jonger dan 18 jaar (minderjarigen); geen verkoop van een grote hoeveelheid softdrugs per transactie; van een grote hoeveelheid is sprake als deze meer bedraagt dan 5 gram; onder transactie wordt begrepen alle koop en verkoop in één coffeeshop op eenzelfde dag met betrekking tot eenzelfde koper; geen verkoop van softdrugs aan niet-ingezetenen; geen toegang voor niet-ingezetenen; geen handelsvoorraad van meer dan 500 gram; dat houdt in dat in de coffeeshop of een daarbij behorende ruimte in totaal nooit meer dan 500 gram softdrugs aanwezig mag zijn; gedurende de openingsuren van de coffeeshop is te allen tijde een leidinggevende aanwezig die op de horecavergunning staat vermeld; de coffeeshop dient gesloten te zijn tussen 00.00 en 12.00 uur.

Rechtspraak bij dit artikel