Aan het raadslid worden de ten behoeve van de gemeente gemaakte
kosten in verband met reizen buiten het grondgebied van de gemeente
ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur
vergoed.
De in het eerste lid bedoelde vergoeding betreft:
a. bij gebruik van openbare middelen van vervoer: een volledige
vergoeding van de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke
reiskosten;
b. bij gebruik van een eigen personenauto: een vergoeding van de in
redelijkheid gemaakte noodzakelijke reiskosten overeenkomstig de
bedragen in artikel 4 van de Regeling rechtspositie wethouders.
Hoofdstuk II
Artikel 5
Reiskosten
Onderdeel van Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden gemeente Nuenen c.a. 2010