Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3

Artikel 12

Structurele participatie

Onderdeel van Verordening procedure en vormgeving structurele participatie gemeente Amstelveen 2006

1.. Een traject tot structurele participatie wordt op een zodanig tijdstip aangevangen dat de resultaten daarvan van wezenlijke invloed kunnen zijn op de ontwikkeling respectievelijk uitvoering van (een) gemeentelijk beleid(sterrein). 2.. Bij structurele participatie worden participatiegroepen betrokken bij de ontwikkeling respectievelijk uitvoering van (een) gemeentelijk beleid(sterrein) door de gemeente via de coördinator, zoals bedoeld in artikel 1, aanhef en onder e. 3.. Bij omvangrijke structurele participatie stellen de participatiegroepen met behulp van de coördinator een kennisteam samen uit de betreffende participatiegroepen. Per participatiegroep kunnen er maximaal twee leden zitting nemen in een kennisteam. Bij kleinschalige structurele participatie kan de gemeente en/of de beleidsuitvoerende organisatie(s) (al dan niet in overleg met de coördinator) rechtstreeks contact opnemen met de betreffende participatiegroep. Een kennisteam wordt bij voorkeur voorgezeten door een onafhankelijk voorzitter. 4.. Om als participatiegroep respectievelijk kennisteam naar behoren te kunnen functioneren, draagt de gemeente zorg voor het verstrekken van de noodzakelijke informatie aan de betreffende participatiegroep(en) respectievelijk kennisteam. Het betreft hier de relevante, gemeentelijke informatie die nodig is om het gemeentelijke beleid(sterrein) te begrijpen en beleidsontwikkelingen in dat kader te kunnen volgen. 5.. Gedurende een traject tot structurele participatie informeert/informeren de participatiegroep(en) respectievelijk de individuele leden van een kennisteam periodiek hun achterban(nen) over de (tussentijdse) resultaten daarvan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel