De bestuursrechtelijke aanpak door de burgemeester is complementair aan de strafrechtelijke aanpak door politie en justitie. Deze twee sporen versterken elkaar aangezien de bestuursrechtelijke aanpak gericht is op het pand en de strafrechtelijke aanpak gericht is op de bij drugsverkoop betrokken personen.
Bij de aanpak van handel, het in het bezit zijn van en het gebruik van drugs worden naast strafrechtelijke maatregelen ook bestuursrechtelijke maatregelen ingezet (tweesporenbeleid).
Strafrechtelijke sancties richten zich op de bij de verkoop betrokken personen. Het beëindigen of het opheffen van de illegale verkooppunten wordt daarmee niet per definitie bereikt. Bestuursrechtelijke maatregelen richten zich op bij de verkoop betrokken woningen of lokalen, waardoor beëindigen of het opheffen van de illegale verkooppunten kan worden bereikt.
Het moment van inbeslagname van drugs en het effectueren van de bestuursrechtelijke maatregelen kan enige tijd uit elkaar liggen, omdat de eisen van zorgvuldigheid bij het toepassen van bestuursdwang in acht genomen moeten worden. Dit betekent niet dat er na inbeslagname geen reden meer is bestuursrechtelijke maatregelen, zoals een last onder bestuursdwang, op te leggen.
Artikel 2
Tweesporenbeleid
Onderdeel van Beleidsregels artikel 13b Opiumwet gemeente Rijssen-Holten 2013 (1e wijziging)