Naar hoofdinhoud

§ 2

Artikel 2.10

Ligplaats in de Lindenberghaven

Onderdeel van Haven- en Kadeverordening 2013

1.. Algemeen: Bij hoog- en laagwater, alsmede bij calamiteiten en onveilige situaties dient de gezagvoerder de aanwijzingen van de havenmeester terstond op te volgen en de toegewezen ligplaats eventueel te verlaten. Voor een alternatieve ligplaats dient de gezagvoerder zelf zorg te dragen. Het is verboden om gebruik te maken van scheepsgeneratoren, de gezagvoerder dient gebruik te maken van de aanwezige walaansluiting voor stroomgebruik. 2.. Passantensteiger: Het is aan gezagvoerders van andere schepen dan pleziervaartuigen en van pleziervaartuigen langer dan 15 meter verboden om zonder ontheffing van het college gebruik te maken van de ligplaatsen aan de passantensteiger. Het is verboden zonder ontheffing van het college langer dan 48 uur zonder onderbreking van de passantensteiger gebruik te maken. De onderbreking moet tenminste 24 uur bedragen. Het is verboden zonder ontheffing van het college ligplaats te nemen aan het gedeelte van de passantensteiger dat door de havenmeester met borden is gereserveerd. 3.Steiger 1: Het is aan gezagvoerders van andere schepen dan pleziervaartuigen, passagiersschepen en schepen langer dan 45 meter verboden om zonder ontheffing van het college gebruik te maken van ligplaatsen aan Gemeentesteiger 1 (zie Ligplaatsenkaart 2013). Duur van het ligplaats nemen aan de Gemeentesteiger 1 wordt in overleg met de havenmeester bepaald. 4.. Historische schepen: (Historische) schepen kunnen gedurende de periode oktober tot en met maart in overleg met de havenmeester ligplaats innemen aan de passantensteiger. Bij uitbreiding van ligplaatsen voor historische schepen of museumschepen kunnen deze schepen gedurende het jaar in de Lindenberghaven liggen met uitzondering van de passantensteiger.

Rechtspraak bij dit artikel