Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2.

Artikel 4.

Berekening en betaling vaste vergoedingen

Onderdeel van Verordening voorzieningen raads- en commissieleden 2007

1.. Onverminderd het bepaalde in artikel 8 van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden vangen de vergoedingen bedoeld in de artikelen 2 en 3 aan op de dag van het afleggen van de eed of belofte bedoeld in artikel 14 van de Gemeentewet. 2.. Onverminderd het bepaalde in de artikelen 1, eerste lid en onder e, en 8 van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden eindigen de vergoedingen bedoeld in de artikelen 2 en 3 op de dag bedoeld in artikel C4, tweede lid, van de Kieswet, dan wel het tijdstip bedoeld in de artikelen X1, eerste en derde lid, X6 en X8, tweede, derde en vijfde van de Kieswet. 3.. De vergoedingen bedoeld in de artikelen 2 en 3 worden maandelijks uitbetaald.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel