Het college kan een inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 3 bij beschikking een of meer van de volgende verplichtingen opleggen:
het deelnemen aan de aangeboden inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening;
het deelnemen aan gesprekken met de consulent inburgering;
het deelnemen aan voortgangsgesprekken;
voor de eerste maal deelnemen aan het inburgeringsexamen of het staatsexamen Nederlands als tweede taal op een tijdstip dat door het college wordt bepaald;
het melden indien door ziekte dan wel door andere relevante omstandigheden niet aan de verplichtingen in de beschikking kan worden voldaan;
overige verplichtingen die het bereiken van het doel van de inburgeringsvoorziening kunnen ondersteunen.