1.Het is verboden de weg of dat gedeelte van een onroerende zaak dat
vanaf de weg zichtbaar is
te bekrassen of te bekladden.
2.Het is verboden zonder schriftelijke toestemming van de
rechthebbende op de weg, op dat
gedeelte van een onroerende zaak dat vanaf de weg zichtbaar is of op
een op de weg staande
roerende zaak:
a.een aanplakbiljet of ander geschrift, afbeelding of aanduiding,
aan te plakken of aan te doen
plakken of op andere wijze aan te brengen of te doen
aanbrengen;
b.op een andere wijze enige afbeelding, letter, cijfer of teken aan
te brengen of te doen
aanbrengen.
3.Het in het tweede lid gestelde verbod is niet van toepassing op
degene die krachtens wettelijk
voorschrift bevoegd is tot het verrichten van de betrokken handeling
of voor degene die handelt
bij het uitvoeren van een publiekrechtelijke taak.
4.Het college kan aanplakborden aanwijzen voor het aanbrengen van
meningsuitingen en
bekendmakingen.
5.Het is verboden de in het vierde lid bedoelde aanplakborden te
gebruiken voor het aanbrengen
van handelsreclame.
6.Het college kan nadere regels stellen voor het aanbrengen van
meningsuitingen en
bekendmakingen.
7.De houder van de in het tweede lid bedoelde schriftelijke
toestemming is verplicht die aan een
opsporingsambtenaar op diens eerste vordering onverwijld ter inzage
af te geven.
HOOFDSTUK 2 › Afdeling 10
Artikel 2:42
Plakken en kladden
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Capelle aan den IJssel 2013