**1..** Het college verstrekt aan de uitkeringsgerechtigde van 27 jaar en ouder werkzaam op een participatie- of op een proefplaats, telkens nadat hij zes maanden werkzaamheden heeft verricht, een premie indien de uitkeringsgerechtigde naar het oordeel van het college in die zes maanden voldoende heeft meegewerkt aan het vergroten van zijn kansen op arbeidsinschakeling.
**2..** De hoogte van deze premie bedraagt € 100 per maand bij een participatie- of een proefplaats met een arbeidsduur van 24 uur per week of meer, voor elke door de uitkeringsgerechtigde op de participatieplaats gewerkte maand. Indien de arbeidsduur per week gemiddeld 8 tot 16 uur bedraagt € 35 per maand en indien de arbeidsduur per week gemiddeld 16 tot 24 uur bedraagt € 70 per maand.
**3..** Indien de participatie- of de proefplaats eindigt voordat de uitkeringsgerechtigde (opnieuw) zes volle maanden gewerkt heeft, dan verstrekt het college aan de uitkeringsgerechtigde de premie genoemd in lid 1 en lid 2 over de periode dat de uitkeringsgerechtigde korter dan zes maanden werkzaamheden heeft verricht, mits de uitkeringsgerechtigde in deze periode voldoende heeft meegewerkt aan het vergroten van zijn kansen op arbeidsinschakeling en de beëindiging van de participatie- of proefplaats niet aan de uitkeringsgerechtigde te wijten is. .
**4..** Indien een uitkeringsgerechtigde in het kader van een traject richting arbeidsinschakeling werkzaamheden met behoud van uitkering verricht die vergelijkbaar zijn met werkzaamheden op een proef- of participatieplaats, komt deze uitkeringsgerechtigde eveneens voor de hier genoemde premie in aanmerking. Vrijwilligerswerk en werkzaamheden verricht in het kader van een arbeidsactiveringstraject worden niet vergelijkbaar geacht met werk op een participatie- of proefplaats..
**5..** Het college stelt nadere regels vast ten aanzien van deze premie.
Hoofdstuk 2
Artikel 21
Premie voor het werken met behoud van uitkering
Onderdeel van Re-integratieverordening Wet werk en bijstand 2013