Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2.6

Gebruik van een ligplaats voor bijzondere doeleinden

Onderdeel van Havenverordening Urk 2009

1. Het is zonder vergunning van Burgemeester en wethouders verboden: a. met een veerboot ligtplaats in te nemen; b. een vaartuig als opslagplaats, bedrijfsruimte, horecabedrijf, werkplaats of voor handelsdoeleinden te gebruiken; c. rondvaarten en/of toertochten te (laten) maken vanuit de haven d. een vaartuig te verhuren voor de pleziervaart of de sportvisserij 2. De vergunning als bedoeld in lid 1 kan alleen worden verleend indien de uit te oefenen werkzaamheden of activiteiten watergebonden zijn of wanneer het gaat om de aan- of afvoer van materialen over water en de vereiste vergunningen voor het uitoefenen van die werkzaamheden of activiteiten zijn verleend. 3. In bijzondere gevallen kunnen Burgemeester en wethouders afwijken van het gestelde in het tweede lid. 4. Burgemeester en wethouders kunnen voorts in afwijking van het tweede lid vergunning verlenen voor incidentele sociaal-culturele activiteiten die een korte periode duren. 5. Burgemeester en wethouders kunnen de vergunning weigeren in het belang van ordening, openbare orde, veiligheid en milieu. 6. Burgemeester en wethouders kunnen, gelet op de in vijfde lid genoemde belangen, een maximum bepalen van het aantal af te geven vergunningen.

Rechtspraak bij dit artikel