**a..** De vergunning kan door het bevoegd gezag worden ingetrokken
indien:
**b..** blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of
onvolledige opgave is verleend;
**c..** blijkt dat de vergunninghouder de voorschriften als bedoeld in
artikel 10, tweede lid, niet naleeft;
**d..** de omstandigheden aan de kant van de vergunninghouder zich
zodanig hebben gewijzigd, dat het belang van het monument
zwaarder dient te wegen;
**e..** gedurende drie jaar geen handelingen zijn verricht met
gebruikmaking van de vergunning;
**f..** de vergunninghouder daar om heeft verzocht.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 2.
Artikel 14.
Intrekken van de vergunning
Onderdeel van Erfgoedverordening 2012 gemeente Dalfsen