Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 5

Artikel 33 Begroting

Artikel 33 Begroting

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Groningen

1.. Het dagelijks bestuur zendt jaarlijks voor 1 april een ontwerpbegroting van de Omgevingsdienst Groningen voor het komende kalenderjaar, met bijbehorende toelichting, toe naar Gedeputeerde Staten en de Burgemeester en Wethouders. 2.. In de begroting wordt onder andere aangegeven welke bijdrage elke deelnemer verschuldigd is voor de uitvoering van takenpakketten en werkzaamheden, genoemd in de artikelen 4, 5 en 6 van de Omgevingsdienst Groningen. 3.. De ontwerpbegroting wordt door de deelnemers voor een ieder ter inzage gelegd en tegen betaling van de kosten algemeen verkrijgbaar gesteld. 4.. De deelnemers kunnen binnen 6 weken na toezending van de ontwerpbegroting hun zienswijzen uiten. 5.. Het dagelijks bestuur voegt, alvorens verzending van de ontwerpbegroting aan het algemeen bestuur, de zienswijzen van de deelnemers toe. 6.. Het algemeen bestuur stelt de begroting uiterlijk 1 juli voorafgaande aan het jaar waar deze voor dient, vast. 7.. Terstond na de vaststelling zendt het dagelijks bestuur de begroting naar de deelnemers en in ieder geval voor 15 juli aande Minister van Binnenlandse Zaken. 8.. Het bepaalde in dit artikel is ook van toepassing wanneer het wijzigingen van de begroting betreft.

Rechtspraak bij dit artikel