In deze verordening wordt verstaan onder:
de Wwb: de Wet werk en bijstand;
de Awb: de Algemene Wet
bestuursrecht;
de Ioaw: de Wet inkomensvoorziening
oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze
werknemers;
de Ioaz: de Wet inkomensvoorziening
oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen
zelfstandigen;
de Wet Suwi: de Wet structuur
uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
verlaging: verlaging van de
bijstandsnorm of de grondslag;
de uitkeringsnorm:
de bijstandsnorm op grond van de Wwb,
inclusief gemeentelijke toeslagen
en verlagingen en vakantietoeslag, dan wel de grondslag
op grond van de Ioaw en de Ioaz;
de uitkering:
algemene bijstand op grond van de Wwb, alsmede een
uitkering op grond van de
Ioaw en de Ioaz;
re-integratietraject: door de
gemeente aangeboden voorziening gericht op
arbeidsinschakeling,
waaronder begrepen sociale activering;
tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
in de voorziening van het bestaan:
het
verrichten van handelingen door belanghebbende dan wel
het nalaten daarvan waardoor
eerder een beroep op uitkering wordt gedaan dan wel de
uitkeringsverstrekking langer
voortduurt;
belanghebbende: de alleenstaande, de
alleenstaande ouder of ieder van de meerderjarige
rechthebbende gezinsleden hier te lande die in zodanige
omstandigheden verkeren of dreigen
te geraken dat zij recht hebben op een uitkering.
het college: het college van
burgemeester en wethouders;
de raad: de gemeenteraad.
voor zover er begrippen in deze verordening niet nader worden
omschreven, hebben deze
dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand, de wet
inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk arbeidsongeschikt werkloze werknemers, de Wet
inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de
Algemene bestuurswet en de
Gemeentewet.