Hoofdstuk 11 is niet van toepassing op de ambtenaar of
arbeidscontractant die ontslagen is met ingang van 1 januari
2001 of later. (Zie ook artikel 11:32 lid 1.)
**1.** De betrokkene, die het einde van de uitkeringsduur, bedoeld in
artikel 11:7, tweede lid, heeft bereikt, heeft in aansluiting op die
uitkering recht op een vervolguitkering.
**2.** De betrokkene die:
het einde van de uitkeringsduur, bedoeld in artikel 11:7,
eerste lid, heeft bereikt en
voldoet aan de voorwaarde, bedoeld in artikel 11:7, tweede
lid, onderdeel a of b, doch uitsluitend wegens zijn
arbeidsverleden geen recht heeft op verlenging van de
uitkeringsduur, heeft recht op een vervolguitkering.
**3.** Behoudens het gestelde in de volgende leden is de duur van de
vervolguitkering een jaar.
**4.** De duur van de vervolguitkering voor de betrokkene die op de dag
van zijn ontslag 57,5 jaar of ouder is, bedraagt drie en een half
jaar.
**5.** De betrokkene aan wie ingevolge artikel 11:8 een uitkering is
toegekend, heeft aansluitend recht op een vervolguitkering indien de
toegekende uitkering eindigt op een tijdstip gelegen binnen een jaar
na de datum waarop zijn uitkering zou zijn beëindigd, wanneer deze
zou zijn toegekend ingevolge artikel 11:7. De vervolguitkering
eindigt op het tijdstip gelegen een jaar na de in de vorige volzin
bedoelde datum.
**6.** De betrokkene die op de dag van zijn ontslag 57,5 jaar of ouder is
en aan wie ingevolge artikel 11:8 een uitkering is toegekend, heeft
aansluitend recht op een vervolguitkering indien de toegekende
uitkering eindigt op een tijdstip gelegen binnen drie en een half
jaar na de datum waarop zijn uitkering zou zijn beëindigd, wanneer
deze zou zijn toegekend ingevolge artikel 11:7. De vervolguitkering
eindigt op het tijdstip gelegen drie en een half jaar na de in de
vorige volzin bedoelde datum.
**7.** Tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald, zijn bepalingen van de
uitkering van overeenkomstige toepassing op de
vervolguitkering.