Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Werving, benoeming en zittingsduur

Onderdeel van Verordening cliëntenparticipatie Werk en Inkomen 2015

1.. De Adviesraad Werk en Inkomen draagt zorg voor de werving en selectie van nieuwe leden uit Leiden en Leiderdorp. Hierbij dient zorg gedragen te worden dat mensen met een arbeidsbeperking voldoende aan bod komen in de Adviesraad Werk en Inkomen. 2.. De leden die op persoonlijke titel zitting hebben in de Adviesraad Werk en Inkomen als ook de vertegenwoordigers van de belangenorganisaties als bedoeld in artikel drie, tweede lid, worden op initiatief van de Adviesraad Werk en Inkomen door de manager voorgedragen voor benoeming door het college van de woonplaats van het kandidaat-lid. De wijze van selectie en voordracht wordt vastgelegd in het reglement. Zie hiervoor ook artikel 5, tweede lid. 3.. De zittingstermijn voor leden van de Adviesraad Werk en Inkomen bedraagt drie jaar. De leden kunnen één maal worden herbenoemd. In bijzondere situaties kan het college hiervan afwijken. 4.. De benoeming van nieuwe leden geschiedt binnen twee maanden nadat de zittingsduur als genoemd in het derde lid is verstreken. 5.. Het periodiek overleg wordt voorgezeten door een onafhankelijk voorzitter, te benoemen, gehoord het college van burgemeester en wethouders van Leiderdorp, door het college. De zittingstermijn van de onafhankelijk voorzitter is hetzelfde als die van de leden. 6.. Een lid van de Adviesraad Werk en Inkomen wordt door het college dat hem benoemd heeft op zijn eigen schriftelijk verzoek ontslagen. Voorts wordt een lid ontslagen: als het lid niet meer voldoet aan de artikel 1, eerste lid onder b of artikel 3, derde lid van deze verordening; wanneer het lid door omstandigheden blijvend ongeschikt is om zijn functie uit te oefenen; indien het lid naar het oordeel van het college het in het lid gestelde vertrouwen ernstig schaadt. Alvorens het college een beslissing neemt over ontslag van een lid van de raad, wordt het betreffende lid in de gelegenheid gesteld gehoord te worden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel