Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 13

Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid

Onderdeel van Verordening Fraude en Afstemming Wet werk en bijstand Veldhoven 2009

1.. Gedragingen van de belanghebbende die niet vallen onder de artikelen 9 tot en met 12 van deze verordening, maar naar het oordeel van het college wel aangemerkt worden als tekortschietend besef van verantwoordelijkheid als bedoeld in artikel 18 lid 2 van de wet, leiden tot een maatregel. 2.. Een maatregel op grond van het eerste lid wordt zo mogelijk afgestemd op de hoogte van het benadelingsbedrag, met inbegrip van het onverantwoord bestede vermogen, gerelateerd aan de netto-bijstand, waarbij de volgende categorieën worden onderscheiden: een benadelingsbedrag tot € 1000,-- leidt tot een maatregel van de tweede categorie; een benadelingsbedrag van € 1000,-- tot € 2000,-- leidt tot een maatregel van de derde categorie; een benadelingsbedrag van € 2000,-- tot € 4000,-- leidt tot een maatregel van de vierde categorie; een benadelingsbedrag van € 4000,-- of meer leidt tot een maatregel van de vijfde categorie. 3.. Bij verwijtbare gedragingen waarbij het benadelingsbedrag niet kan worden vastgesteld wordt de maatregel door het college vastgesteld rekening houdend met de ernst, de omstandigheden en de verwijtbaarheid van de gedraging.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel