Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk III

Artikel 3.12 Smartengeld

Artikel 3.12 Smartengeld

Onderdeel van BELEIDSREGELS ALGEMENE EN BIJZONDERE BIJSTAND, IOAW, IOAZ EN BBZ 2004

1.. Bij het vaststellen van het vermogen wordt buiten beschouwing gelaten: het bedrag genoemd in artikel 34 lid 2 sub e WWB; en de helft van het meerdere. 2.. Als het smartengeld is toegekend in het buitenland dan stelt een in Nederland gevestigde schade-expert de hoogte van een naar Nederlandse maatstaven reële schadevergoeding vast als de hoogte van het smartengeld naar Nederlandse maatstaven niet in verhouding staat tot de geleden immateriële schade. De vrijlating genoemd in het eerste lid wordt toegepast op deze reële schadevergoeding. Het bedrag aan smartengeld dat uitstijgt boven deze reële schadevergoeding wordt volledig tot het vermogen gerekend. De kosten in verband met het inschakelen van de schade-expert komen voor rekening van het college als blijkt dat het smartengeld naar Nederlandse maatstaven reëel is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel