Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 6

De procedure van het vaststellen van een inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening

Onderdeel van VERORDENING WET INBURGERING ZOETERWOUDE 2009

1.. Het college doet het aanbod zo mogelijk al in het intakegesprek; als belanghebbende bedenktijd wil eveneens schriftelijk na de intake. 2.. Als een inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening direct wordt geaccepteerd tijdens het intakegesprek, wordt de inburgeringsplichtige gevraagd daarvoor te tekenen. Tevens wordt het gekozen aantal termijnen waarin de bijdrage zal worden betaald, vastgelegd en voorzien van een handtekening. 3.. Het aanbod bestaat uit een omschrijving van de inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening alsmede de rechten en plichten die aan de voorziening worden verbonden. 4.. De inburgeringsplichtige of vrijwillige inburgeraar aan wie een schriftelijk aanbod wordt gedaan, deelt binnen twee weken na ontvangst van het aanbod het college schriftelijk mee of hij of zij het aanbod aanvaardt. 5.. Na acceptatie van het aanbod door belanghebbende, eventueel in gezamenlijkheid aangepast, neemt het college binnen twee weken het besluit tot vaststelling van de inburgeringsvoorziening overeenkomstig het aanbod. 6.. Als de inhoudingsplichtige het aanbod niet wenst te accepteren en het college acht de voorgestelde inburgeringsvoorziening wel het meest geschikt, dan wordt de voorziening niettemin met opgaaf van redenen vastgesteld. 7.. Aan de intake gaat in geval van (vermoedelijk) bijzondere omstandigheden, zoals bijvoorbeeld analfabetisme, een oriënterend gesprek vooraf. 8.. Als de vrijwillige inburgeraar het aanbod aanvaardt, neemt het college binnen een maand na het bekend worden daarvan een besluit tot het vaststellen van de inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening in de vorm van een schriftelijke kennisgeving met als bijlage een door het college en de vrijwillige inburgeraar ondertekende overeenkomst.

Rechtspraak bij dit artikel