Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf

Artikel 32:

indeplaatsstelling bestuurscommissies

Onderdeel van Verordening op de bestuurscommissies 2013

Nieuw voor wat betreft de correctiemechanismen is dat de verordening ook de mogelijkheid biedt om in de plaats te stellen. Voor de invulling van deze mogelijkheid is aansluiting gezocht bij de bepalingen die op dit punt in de Gemeentewet opgenomen zijn. Daarbij moet wel worden opgemerkt dat er, anders dan bij hetgeen in de Gemeentewet geregeld is, in dit geval niet op de beslissingsbevoegdheid van een andere zelfstandige bestuurslaag wordt ingegrepen. Dit veronderstelt dat in beginsel minder terughoudend met het middel kan worden omgegaan. Kort gezegd kan de gemeenteraad of het college van burgemeester en wethouders tot indeplaatsstelling overgaan indien een bestuurscommissie een gevorderde beslissing niet of niet naar behoren neemt, een gevorderde handeling niet of niet naar behoren verricht of een andere gevorderd resultaat niet, niet tijdig of niet naar behoren tot stand brengt. De gemeenteraad of het college van burgemeester en wethouders voorziet daar dan namens en ten laste van de bestuurscommissie in. In het tweede, derde en vierde lid zijn in dat verband wel een aantal procedurele voorschriften opgenomen. Bijvoorbeeld over de termijn die de bestuurscommissie moet worden gegund om een verzuim te herstellen.

Rechtspraak bij dit artikel