Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf

Artikel 18:

vergaderingen dagelijks bestuur

Onderdeel van Verordening op de bestuurscommissies 2013

Op grond van deze bepaling zijn op de vergaderingen van het dagelijks bestuur de bepalingen inzake de vergaderingen van het college van burgemeester en wethouders van overeenkomstige toepassing. Dit betekent bijvoorbeeld dat de vergaderingen besloten zijn (artikel 54 van de Gemeentewet) en dat het vergaderquorum gelijk is (artikel 56 van de Gemeentewet). Voor de stemmingen binnen het dagelijks bestuur gelden eveneens dezelfde bepalingen als die op de stemmingen binnen het college van burgemeester en wethouders van toepassing zijn. In het tweede lid is, in aanvulling op wat er in artikel 86 van de Gemeentewet is bepaald, geregeld dat de opgelegde geheimhouding niet geldt voor de gemeenteraad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester. Zij hebben, ook als er geheimhouding is opgelegd, wel recht op inzage in de stukken. Dit vanzelfsprekend voor zover de stukken zien op bevoegdheden die door hen aan de bestuurscommissie zijn toegekend. Het inzagerecht van het college van burgemeester en wethouders is dus beperkt tot de stukken die zien op bevoegdheden die door het college aan de bestuurscommissie zijn toegekend. Het recht strekt zich niet uit over de stukken die zien op bevoegdheden van de gemeenteraad of de burgemeester.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel