**1..** De verlaging als bedoeld in artikel 26 WWB bedraagt 10 procent van de
gehuwdennorm voor gehuwden die in een woning wonen waar een ander zijn
hoofdverblijf heeft.
**2..** De verlaging als bedoeld in artikel 26 WWB bedraagt 20 procent van de
gehuwdennorm voor gehuwden die in een woning wonen waar twee of meer
anderen hun hoofdverblijf hebben.
**3..** In afwijking van lid 2 wordt bij gehuwden die naar het oordeel van het
college aantoonbaar op commerciële wijze een kamer huren, de verlaging
vastgesteld op 10 procent van de gehuwdennorm.
**4..** Voor de toepassing van dit artikel wordt niet als een ander
beschouwd;
diegene die de verzorgingsbehoevende gehuwde verzorgt, danwel de
inwonende verzorgingsbehoevende die door de gehuwde wordt
verzorgd;
een meerderjarig studerend inwonend kind met een inkomen dat
minder is dan 80% van de gehuwdennorm.