De belasting wordt niet geheven voor het verblijf:
van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in
artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating
Zorginstellingen .
van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste
lid, van de Vreemdelingenwet 2000 , die
rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van
artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde
wet , en voor zover deze persoon verblijf houdt
als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder
verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang
Asielzoekers.
van degene die verblijf houdt in een gemeubileerde woning voor welk
verblijf forensenbelasting is verschuldigd;
van degenen, beneden de leeftijd van 15 jaar, die om
sociaal-medische reden verblijf houden alsmede hun begeleiders.
van degene die werkzaam is binnen het grondgebied van de gemeente
Hollands Kroon.
door degenen die verblijf houden aan boord van:
een vaartuig dat is ingericht en wordt gebruikt tot
verpleging of verzorging van zieken, van gebrekkigen en
hulpbehoevenden of van ouden van dagen;
kano’s, roei- en volgboten;
motor- en zeilboten met een lengte van ten hoogste 4
meter;
een vaartuig dat zich op last of bevel van de overheid in
het gemeentelijk watergebied bevindt.
Als het verblijf een schoolreis en/of werkweek betreft,
georganiseerd door een van overheidswege erkende
onderwijsinstelling.
Artikel 3
- Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2014