Voor de adressen die opgenomen zijn in de inventarisatielijst en op de situatietekeningen zoals genoemd in artikel 2, geldt dat de afstand tussen de veehouderij waar dieren worden gehouden van een diercategorie waarvoor bij ministeriële regeling geen geuremissiefactor is vastgesteld de afstand tot een geurgevoelig object minimaal moet bedragen:
A. ten minste 50 meter binnen en tot de bebouwde kom.
B. ten minste 25 meter buiten de bebouwde kom.
Artikel 3
Voorschriften
Onderdeel van Verordening op de Wet geurhinder en veehouderij gemeente Súdwest-Fryslân