Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 4

Ordemaatregelen

Onderdeel van Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen

1.. Het is aan steenhouwers, hoveniers en daarmede gelijk te stellen personen verboden, anders dan met toestemming van burgemeester en wethouders, werkzaamheden voor derden aan grafbedekkingen op de begraafplaats te verrichten. 2.. Het is verboden met motorrijtuigen op de begraafplaats te rijden, elders dan op de daartoe aangewezen rijwegen en anders dan voor een begrafenis of voor het vervoeren van materialen. 3.. Het is verboden met motorrijtuigen op de begraafplaats te rijden sneller dan 10 km per uur. 4.. Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in lid 2. 5.. Het is verboden met rijwielen (bijvoorbeeld fietsen) te rijden op de begraafplaats. 6.. De begraafplaats is verboden voor honden en andere huisdieren (al dan niet aangelijnd). 7.. Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen, die werkzaamheden op de begraafplaats hebben te verrichten, zijn verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden aan de aanwijzingen van de beheerder. 8.. Degenen die zich niet aan de in het vorige lid bedoelde aanwijzingen houden, moeten zich op eerste aanzegging van de beheerder van de begraafplaats verwijderen.

Rechtspraak bij dit artikel