Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 9

Artikel 9.4

Intrekking en wijziging van een besluit tot verlening van een individuele voorziening

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Kampen

1.. Het college kan een besluit, genomen op grond van deze verordening, geheel of gedeeltelijk intrekken indien: niet of niet meer is of wordt voldaan aan de voorwaarden gesteld bij of krachtens deze verordening; bij de aanvraag of tijdens de behandeling daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt en verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een ander besluit op de aanvraag zou hebben geleid; bij de aanvraag of tijdens de behandeling daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt met het oogmerk om aldus voor zichzelf of degene voor wie de aanvrager optreedt een voorziening te verkrijgen dan wel te behouden; de individuele voorziening onjuist was of ten onrechte is verleend en de belanghebbende dit wist of behoorde te weten; uit onderzoek blijkt dat de belanghebbende geen of onvoldoende gebruik maakt van een hem toegekende voorziening en naar alle waarschijnlijkheid het komende jaar ook niet of nauwelijks van deze voorziening gebruik zal maken; de belanghebbende zijn verplichtingen ingevolge de artikelen 9.2, 9.3 en 9.4 onvoldoende nakomt en zij daarvoor het recht op, de noodzaak van de gevraagde voorziening of de noodzaak tot het behoud daarvan, niet kunnen vaststellen. 2.. De intrekking of wijziging van het besluit als bedoeld in het vorige lid werkt terug tot het tijdstip waarop de voorziening is verleend, tenzij bij de intrekking of de wijziging anders is bepaald. 3.. Het college kan een besluit tot verlening van een persoonsgebonden budget of een financiële tegemoetkoming, naast de in het eerste lid genoemde gronden, geheel of gedeeltelijk intrekken of ten nadele van betrokkene wijzigen indien blijkt dat het budget of de tegemoetkoming niet of niet volledig is aangewend voor het doel waarvoor deze was verleend.

Rechtspraak bij dit artikel