Naar hoofdinhoud
1. Het resultaat van de grondexploitaties wordt als gerealiseerd beschouwd na afronding van de gehele grondexploitatie. 2. Tussentijdse winstneming vindt slechts plaats als aan alle volgende criteria is voldaan: a. Er is sprake van gerealiseerde opbrengsten; b. De raming van de grondexploitatie sluit met een positief saldo; c. De risico’s zijn in voldoende mate afgedekt; d. Winstneming geschiedt pro rato ten opzichte van de realisatie van het (gehele) plan. 3. Bij een verwacht negatief plansaldo wordt een toereikende voorziening getroffen in hetzelfde boekjaar. Verevening tussen afzonderlijke grondexploitaties of compensatie met winsten uit andere grondexploitaties is niet toegestaan.

Rechtspraak bij dit artikel