**1..** Het bevoegde bestuursorgaan stelt bij de start van elk
participatieproces een kaderstellende startnotitie vast. Daarin
wordt expliciet besloten over in ieder geval de volgende
punten:
het exacte onderwerp van het participatieproces;
het doel van de participatie;
het niveau van de participatie, waarbij een gemotiveerde
keuze wordt gemaakt uit: raadplegen, adviseren, coproduceren
of meebeslissen;
de inhoudelijke, financiële, procedurele en overige kaders
voor de participatie en de wijze waarop deze kaders vooraf
met de deelnemers worden gecommuniceerd;
de schaal waarop het participatieproces speelt;
wie de belanghebbenden zijn;
of ook anderen dan belanghebbenden aan het proces kunnen
deelnemen;
de wijze en het tijdstip waarop de deelnemers hun inbreng
kunnen leveren;
de wijze waarop het bestuursorgaan communiceert over de
inrichting en inhoud van het participatieproces;
de wijze en het tijdstip waarop het bestuursorgaan reageert
op de uitkomsten van het participatieproces;
de begroting van de kosten van het participatieproces.
**2..** Het voor de uitvoering verantwoordelijke bestuursorgaan maakt
voorafgaand aan de start van het participatieproces het voornemen
hiertoe bekend op de voor dat proces gepaste wijze. In deze
kennisgeving wordt ingegaan op de in het eerste lid, onder a tot en
met i, bedoelde punten.
**3..** Indien omstandigheden het noodzakelijk maken om de kaders bedoeld in
het eerste lid onder d of de inrichting van het proces als bedoeld
in het eerste lid onder h aan te passen, draagt het
verantwoordelijke bestuursorgaan er zorg voor dat dit onverwijld
bekend wordt gemaakt.
Hoofdstuk
Artikel 8
Inrichting van het participatieproces
Onderdeel van Inspraak- en participatieverordening gemeente Zandvoort 2013.