Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6: › Paragraaf 6.1:

Artikel 31:

Aanvullende definities voor deze paragraaf

Onderdeel van Verzamelverordening WWB, IOAW, IOAZ en Bbz 2013-II

1.. In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: De wet: de Wet werk en bijstand. Normbedrag: het toepasselijke naar leefvorm vastgestelde bedrag als bedoeld in artikel 20 en 21 van de wet. Gehuwdennorm: de norm als bedoeld in artikel 21, onderdeel c, van de wet. Toeslag: het verhogen van het normbedrag voor alleenstaanden en alleenstaande ouders met een percentage (ten hoogste 20%)van de gehuwdennorm. Verlagen: het verlagen van het normbedrag voor gehuwden met een percentage (ten hoogste 20%) van de gehuwdennorm. Onderhuurder: de persoon die onderhuurt of op commerciële basis een medebewoner is en wiens woonsituatie voldoet aan het volgende: het te onderhuren/mede-te-bewonen deel van de woning is zelfstandig geschikt voor bewoning; en de prijs per maand is minstens gelijk aan 10%van de gehuwdennorm; en de onderhuurder/medebewoner staat ingeschreven in de basisadministratie van de gemeente op het onderhuuradres. Hoofdbewoner: een belanghebbende die eigenaar of hoofdhuurder is van woonruimte en die in de woonruimte hoofdverblijf heeft. Zorgbehoevende: degene die is aangewezen op verzorging ter voorkoming van opname in een verpleeg- of verzorgingshuis. Woonkosten: hetgeen in geld verschuldigd is voor het enkele gebruik van woonruimte waarin feitelijk verblijf wordt gehouden. Woonlasten: hetgeen in geld verschuldigd is voor het (mede)gebruik van voorzieningen, aanwezig in de woonruimte, waarin feitelijk verblijf wordt gehouden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel