Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 4.

Het afzien van het opleggen van een maatregel

Onderdeel van Afstemmings- en robuuste incassoverordening WWB, IOAW IOAZ

1.. Het college ziet af van het opleggen van een maatregel indien: elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt; na het moment van kennisneming van de gedraging door het college een jaar is verstreken; tussen de datum waarop de gedraging heeft plaatsgevonden en het tijdstip waarop het college daarvan kennis heeft genomen méér dan drie jaar is verstreken; sprake is van dringende redenen om af te zien van oplegging. 2.. Indien het college afziet van het opleggen van een maatregel op grond van dringende redenen, wordt de belanghebbende daarvan schriftelijk mededeling gedaan.

Rechtspraak bij dit artikel