**1..** De hoogte van de langdurigheidstoeslag bedraagt:
voor gehuwden: 40% van de bijstandsnorm voor gehuwden exclusief vakantietoeslag;
voor een alleenstaande ouder: 40% van de bijstandsnorm voor een alleenstaande ouder met een gemeentelijke toeslag van 20% van het netto minimum loon exclusief vakantietoeslag;
voor een alleenstaande: 40% van de bijstandsnorm voor een alleenstaande met een gemeentelijke toeslag van 20% van het netto minimum loon exclusief vakantietoeslag.
**2..** Voor de toepassing van het eerste lid is de situatie op de peildatum bepalend.
**3..** Indien één van de gehuwden op de peildatum is uitgesloten van het recht op langdurigheidstoeslag ingevolge artikel 11, of artikel 13 lid 1 van de wet, komt de ander in aanmerking voor een langdurigheidstoeslag naar de hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden.
Hoofdstuk II.
Artikel 3
Hoogte van de langdurigheidstoeslag
Onderdeel van Verordening langdurigheidstoeslag