1.De voorzitter roept schriftelijk bij voorkeur veertien dagen maar
ten minste zeven dagen voor een vergadering de leden op onder
vermelding van dag, tijdstip en plaats van de vergadering.
2.De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
uitzondering van de in artikel 25, eerste en tweede lid, van de
Gemeentewet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met de
schriftelijke oproep aan de leden digitaal beschikbaar gesteld.
3.In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van de
schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de aanvang van een
vergadering een aanvullende agenda opstellen. Deze wordt met de
daarbij behorende stukken aan de leden beschikbaar gesteld.
4.Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de agenda
vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie
bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda
toevoegen, onderwerpen van de agenda afvoeren of de volgorde van
behandeling wijzigen.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 9.
Oproep en agenda
Onderdeel van Verordening op de raadscommissies 2013