Deze verordening wordt aangehaald als Noodverordening PSV-Dinamo Zagreb 2013.
Deze verordening wordt bekendgemaakt in het Gemeenteblad en op de gemeentelijke website.
Deze verordening wordt overeenkomstig artikel 176, tweede lid van de Gemeentewet ter kennis gebracht van de raad van de gemeente Eindhoven, de commissaris van de Koning in de provincie Noord-Brabant en het hoofd van het arrondissementsparket Oost-Brabant. Voorts wordt zij ter kennis gebracht van de districtschef van de politie en de officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Brabant die aanwezig waren bij het driehoeksoverleg bedoeld in artikel 13, eerste lid van de Politiewet 2012.
Deze verordening treedt in werking op woensdag 6 november 2013 om 17.00 uur en houdt van rechtswege op te gelden op vrijdag 8 november 2013 om 10.00 uur, tenzij zij wordt ingetrokken of verlengd.
Het bevoegd gezag kan ambtshalve of op aanvraag ontheffing geven van de verboden gegeven in de artikelen 2, 3, eerste lid, 5 en 6 en aan een dergelijke ontheffing voorwaarden verbinden die noodzakelijk zijn ter handhaving van de openbare orde.
De burgemeester heeft voorts vermeld dat overtreding van deze noodverordening op grond van artikel 443 van het Wetboek van Strafrecht wordt bestraft met hechtenis van maximaal drie maanden of geldboete van maximaal € 3.900.
De burgemeester heeft de noodverordening de volgende toelichting gegeven:
Op 7 november 2013 vindt de Europa Leaguewedstrijd plaats tussen PSV en Dinamo Zagreb. Dit vergt vergaande openbareordemaatregelen. Gewone juridische instrumenten kunnen worden ingezet. Bijv. het Wetboek van Strafrecht (bijv. inzake discriminatie, opruiing, (medeplichtigheid tot) geweldpleging), de Wet wapens en munitie, het Vuurwerkbesluit i.v.m. de Wet op de economische delicten en de APV (bijv. samenscholen, opdringen, uitdagen tot ongeregeldheden, afzetting negeren, ordeverstoring in de horeca of het stadion, lopen buiten de route, op/aan de weg kaartjes te koop aanbieden of daarvoor voorhanden hebben). Daarnaast is het gelet op de specifieke omstandigheden nodig bijzondere algemeen verbindende voorschriften te geven. Hiervoor dient deze noodverordening. Overtreding is strafbaar (artikel 443 van het Wetboek van Strafrecht). In de considerans van de verordening staan de overwegingen die hebben geleid tot het vaststellen ervan.
Artikel 1 bevat definities. Deze spreken voor zich. Bij het begrip ‘openbare plaats’ wordt buiten twijfel gesteld dat bepaalde plaatsen ook onder deze definitie vallen. Een regel uit deze verordening die ziet op een ‘openbare plaats’, geldt dus ook voor degene die bijv. in Eindhoven in een vliegtuig landt of met een trein binnenkomt. De begrippen ‘supporter’, ‘supporter met een Kroatisch stadionverbod’ en ‘afgescheiden Bad Blue Boy’ worden zo veel mogelijk geobjectiveerd. Met ‘blijkens kennis van een deskundige’ wordt hierbij gedoeld op bijv. de politie of de aanwezige zogenoemde spotters: Kroatische politiemensen die een betrokkene kunnen herkennen, omdat zij weten wie hij is, ook als deze niet anderszins als supporter herkenbaar is. Met ‘blijkens registratie waarover het bevoegd gezag beschikt’ wordt hierbij ook gedoeld op namen en foto’s voor zover de Kroatische autoriteiten die ter beschikking stellen. Politiemensen en marechaussees gelden voor deze verordening ook als bevoegd gezag, naast de bevoegde bestuursorganen. Zij blijven daarbij wel hiërarchisch en gezagsmatig ondergeschikt. Om onduidelijkheid te vermijden is ten slotte vastgelegd welke juridische betekenis bepaalde in de verordening gebruikte woorden hebben. Bij de keuze van de bewoordingen en de definiëring is direct aangesloten bij woorden die al in andere nationale wetgeving worden gebruikt. Deze dekken de lading ook in dit geval en dit dient de uniformiteit voor de politie, Koninklijke Marechaussee en justitie, die met deze verordening moeten werken.