Burgemeester en wethouders kunnen de gemeentelijke plantoelichter
(ambtenaar) door middel van de “kan” bepaling de
verantwoordelijkheid geven (mandateren) om namens hen het
welstandsoordeel te geven waarvoor in de welstandsnota criteria voor
veel voorkomende bouwwerken zijn opgenomen, de aangewezen
trendsetters en kleine wijzigingen in het voorerfgebied.
De verantwoordelijke ambtenaar heeft hierbij een beperkt mandaat,
dat wil zeggen dat alleen positieve adviezen kunnen worden gegeven.
Plannen waarmee de verantwoordelijke ambtenaar niet akkoord kan
gaan, worden alsnog aan de welstandscommissie voorgelegd.
Indien er sprake is van een bijzondere situatie of er gerede twijfel
bestaat aan de toepasbaarheid van de ambtelijke toetsingscriteria
legt de verantwoordelijke ambtenaar het plan voor advies voor aan de
welstandscommissie.
De verantwoordelijke ambtenaar stelt ter uitvoering van artikel 12b,
lid 3, Woningwet voor de gemeenteraad een gezamenlijk jaarverslag op
met de WZNH van haar werkzaamheden.
In dit jaarverslag komt ten minste aan de orde op welke wijze de
verantwoordelijke ambtenaar toepassing heeft gegeven aan de in de
gemeentelijke welstandsnota opgenomen welstandscriteria.
8. Vorm waarin het advies wordt uitgebracht.
Artikel 7.2
Ambtelijke verantwoordelijkheid (mandaat) voor veel voorkomende bouwwerken door middel van de zgn. “kan” bepaling
Onderdeel van Reglement van Orde op de WZNH adviescommissie voor ruimtelijke kwaliteit