Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3. › Afdeling 2.

Artikel 44.

Reclamevergunning

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening 2007

1.. Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag op of aan een vanaf de weg zichtbare onroerende zaak zichtbaar vanaf de weg handelsreclame aan te brengen dan wel de aanwezigheid daarvan toe te laten. 2.. Het is verboden een voertuig of vaartuig dat is voorzien van een aanduiding van handelsreclame, te parkeren of aan te leggen met het kennelijke doel om daarmee handelsreclame te maken. 3.. Het eerste lid geldt niet voor: onverlichte opschriften, uitsluitend vermeldende de naam van de bewoners van een gebouw of van een gebouw zelf; onverlichte opschriften en aankondigingen, betrekking hebbend op de dienst, het beroep of het bedrijf, die of dat in of op de onroerende zaak wordt uitgeoefend of op de bewoning daarvan; onverlichte opschriften, aankondigingen en afbeeldingen, die aanwezig zijn bij in uitvoering zijnde werken en op deze werken betrekking hebben gedurende de termijn dat de werken in uitvoering zijn; opschriften, aankondigingen en afbeeldingen in een gebouw of een deel van een gebouw, dat als winkel en/of als bioscoop, schouwburg, hotel of café-restaurant wordt gebruikt, mits zij betrekking hebben op het bedrijf dat daarin wordt uitgeoefend; reclame-uitingen die deel uitmaken van een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning voor het bouwen is verleend.

Rechtspraak bij dit artikel