Naar hoofdinhoud
1. De gemeenschappelijke regeling wordt gewijzigd met inachtneming van het bepaalde in artikel 10 lid 2. 2. Voor een wijziging van artikel 10 lid 2 zijn eensluidende besluiten van alle deelnemers vereist. 3. Voorstellen tot wijziging van de regeling kunnen worden gedaan door het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur of één of meer van de deelnemers. 3. Voorstellen uitgaande van het algemeen bestuur worden toegezonden aan de deelnemers, die binnen dertien weken na ontvangst terzake een besluit nemen en dat terstond aan het algemeen bestuur mededelen. 4. Voorstellen uitgaande van één of meer deelnemers worden toegezonden aan het algemeen bestuur, dat het voorstel met zijn beschouwingen terzake binnen acht weken aan de deelnemers doet toekomen, waarna deze deelnemers en het algemeen bestuur verder handelen conform het bepaalde in het vorige lid van dit artikel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel