Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Verantwoording en verslag

Onderdeel van Verordening fractieondersteuning 2018

1.. Jaarlijks vóór 1 april leggen de leden van de fractie dan wel een daartoe gemachtigd lid van de fractie aan de raad, door tussenkomst van de voorzitter van de raad, verantwoording af over de besteding van de tegemoetkoming voor fractieondersteuning over het voorafgaande jaar, onder overlegging van een verslag dat in elk geval een specificatie bevat van de gemaakte kosten en van de niet-bestede middelen, waaronder begrepen ontvangen rente. In het jaar waarin de verkiezing voor de leden van de raad plaatsvindt, heeft de verantwoording over het voorafgaande jaar tevens betrekking op de periode tot en met één week na de dag van de verkiezing, terwijl het verslag in dat jaar wordt ingediend vóór 1 juni. 2.. De voorzitter van de raad legt het betreffende verslag ter controle voor aan de Gemeentelijke Accountantsdienst. 3.. De fractie is te allen tijde verplicht aan de Gemeentelijke Accountantsdienst desgevraagd inzage te verschaffen in de aan het verslag ten grondslag liggende bescheiden. Voorts is de fractie te allen tijde verplicht – op aanwijzing van de voorzitter van de raad – aan de Gemeentelijke Accountantsdienst inzage te verschaffen in de fractieadministratie. 4.. De Gemeentelijke Accountantsdienst rapporteert, door tussenkomst van de voorzitter van de raad, aan de raad. 5.. De raad stelt na ontvangst van het rapport van de Gemeentelijke Accountantsdienst – al dan niet vergezeld van een nader advies van de voorzitter van de raad – de bedragen vast van: de uitgaven van een fractie die in het vorige kalenderjaar uit de tegemoetkoming (met in begrip van eventuele reserve en rente) bekostigd zijn; het verschil tussen de onder a. genoemde uitgaven en het ontvangen voorschot en, voor zover nodig, de hoogte van de terugvordering van ontvangen voorschotten. 6.. Indien een fractie niet voldoet aan het bepaalde in het derde lid, kan de raad – al dan niet op voorstel van de voorzitter – besluiten dat niet meer dan 50% van het in artikel 3 bedoelde voorschot aan de betreffende fractie voor het lopende jaar wordt uitbetaald.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel