**1..** De bijstandsnorm wordt lager vastgesteld, indien de gehuwde lagere algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan heeft dan waarin de bijstandnorm voorziet, als gevolg van het geheel of gedeeltelijk kunnen delen van deze kosten met een ander tenzij:
**–.** die ander zorgbehoevend is;
**–.** die ander een inwonend verdienend kind is wiens inkomsten minder bedragen dan 60% van het netto minimumloon.
**2..** De verlaging als bedoeld in het eerste lid bedraagt 10% van het netto minimumloon.
**3..** De bijstandsnorm voor gehuwden wordt lager vastgesteld, indien de gehuwden lagere algemene kosten van het bestaan hebben dan waarin de bijstandsnorm voorziet, als gevolg van de bewoning van een woning waaraan voor de belanghebbenden geen woonkosten zijn verbonden, waaronder begrepen het niet aanhouden van een woning.
**4..** De verlaging als bedoeld in het derde lid bedraagt 15% van het toepasselijke netto minimumloon.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.
Artikel 4.
Onderdeel van Verordening verhoging of verlaging van de bijstandsnormen